Volg vLm via: 




Nederlandse handelsdelegatie opent Koeweitse deuren

26 november 2009


"In drie dagen bereikt wat op eigen kracht een half jaar had gekost "

Het Nederlandse aanbod in de infrastructuur en logistiek heeft wereldwijde faam, en dat biedt exportmogelijkheden in economieën die sterk in ontwikkeling zijn. Dat was het uitgangspunt achter het organiseren van de handelsmissie voor infrastructurele toeleveranciers naar Koeweit. Tijdens de missie, die plaatsvond van 26 tot en met 28 oktober 2009, werd dan ook de basis gelegd voor intensieve samenwerking op het gebied van havenontwikkeling, logistiek en opslag, lucht-, weg- en spoorvervoer en basisinfrastructuur.

Een groep van dertien ervaren en minder ervaren exporteurs op de Koeweitse markt werkte in drie dagen een programma af waarin de Koeweitse vraag nauwkeurig met het Nederlandse aanbod gematched werd. De missie begon met gezamenlijke bezoeken aan relevante ministeries en eindigde met op maat gemaakte afspraken, waar de Nederlandse bedrijven heel specifiek hun product of dienst konden pitchen.

"Meteen vervolgafspraak"
Een opzet die volgens de deelnemers effectief was. John van Houten, van MKB-er Rolloos die voor het eerst meeging op een handelsmissie: “Wij hadden noch ervaring op de Koeweitse markt, noch ervaring met het fenomeen handelsmissie. Toch heeft deze missie al mijn verwachtingen overtroffen. Met de grondige voorbereiding door de organisatie en de juiste ingangen, wist ik nu in drie dagen te bewerkstelligen waar ik op eigen kracht minstens een half jaar mee bezig zou zijn geweest. Ik had op dag drie al meteen een vervolgafspraak met uitzicht op een concrete opdracht.”

Ook Frank Schrijvemakers van VanderLande Industries, één van de grootste leveranciers van bagage-afhandelingsystemen ter wereld, ziet na de handelsmissie goede kansen voor zijn product: “De geplande afspraken sloten precies aan bij mijn voorkeuren. We hebben dan ook goede zaken kunnen doen in Koeweit.”

Grondige voorbereiding is de sleutel
Initiatiefnemers en organisatoren Jochem Geheniau en Farah Souhail van de NBCC, leggen uit dat de sleutel tot succes in een combinatie van factoren zit: “Inzicht krijgen in de marktkansen, goed begrijpen wie je deelnemers zijn, vervolgens de juiste gesprekspartners vinden en hen enthousiast maken voor het Nederlandse aanbod. En dan begint het werk pas….”.

Het werk van de Nederlandse ambassade op locatie bleek bovendien onmisbaar. Souhail en Geheniau: “Voor het bereiken van de juiste overheidspartijen heb je hulp van de lokale ambassade nodig en die was in ruime mate aanwezig. Ambassadeur Ton Boon van Ochssée en het hoofd van de Economische Afdeling, Cees Kieft, zetten zich al jaren in voor Nederlandse bedrijven in de regio. Daardoor was de ‘BV Nederland’ op veel plekken al bekend, en dat werkt in het voordeel van de deelnemers.”

Kritisch oog

Handelsmissies zoals deze worden gefinancierd door de overheid. Een goede reden om kritisch te kijken naar de manier waarop dit geld besteed wordt. Astrid Zuydendorp, die namens het ministerie van Economische Zaken mee was om de missie te beoordelen: “Het ultieme doel dat we voor ogen hebben, is natuurlijk orders voor Nederlandse bedrijven, en ik denk dat dat met deze missie zeker zal lukken. De samenstelling van de groep – ervaren en minder ervaren exporteurs – leidde tot soepele samenwerking en kennisdeling, dat gaf deze missie net dat beetje extra.”

De handelsmissie naar Koeweit is georganiseerd in samenwerking met brancheverenigingen ONRI en TLN.