Het eindrapport van de kiemgroep Logistieke Prestatie-indicatoren II is in augustus 2006 in drukvorm verschenen en gratis onder alle vLm-leden verspreid. Met een enquête onder ruim honderd logistiek managers en aanvullende interviews heeft de kiemgroep vastgesteld wat de logistiek manager wel en niet moet doen om succesvol aan de slag te gaan met prestatie-indicatoren op de logistieke werkvloer.
Het spreekt voor zich dat door het meten van logistieke prestatie-indicatoren alleen, de prestaties niet verbeteren. Het gaat erom wat de manager en medewerkers met de cijfers doen. Uiteraard zijn er veel verschillende manieren om met prestatie-indicatoren om te gaan. De kiemgroep heeft twintig manieren (practices) geselecteerd uit de literatuur. De enquête toonde aan dat zeventien van de twintig onderzochte practices in de praktijk daadwerkelijk tot betere logistieke prestaties leiden. Dit zijn derhalve de best practices in logistieke prestatie-indicatoren. Zo geeft het onderzoek antwoord op klemmende kwesties als het effect van prestatiebeloning, het nut van moderne softwarepakketten, de toegevoegde waarde van modellen als de balanced scorecard en het INK-model en de invloed van de stijl van leidinggeven.
De kiemgroep heeft de best practices verwerkt in een stappenplan waarmee de logistiek manager snel en effectief aan de slag kan met prestatie-indicatoren. Tevens laat het onderzoek zien dat de best practices interessante verbeteringen in productiviteit, kwaliteit en omloopsnelheid mogelijk maken. Het rapport is een handig hulpmiddel zowel voor logistiek managers met ruime ervaring als voor managers die willen starten met prestatie-indicatoren.